Nabucco

“Nabucodonosor”

Het had weinig gescheeld of Verdi had zijn doorbraakopera Nabucco nooit geschreven. Zijn vorige opera Un giorno di regno was een flop en zijn vrouw en twee kinderen waren onlangs overleden, waardoor zijn wil om te componeren compleet was verdwenen. Maar impresario Bartolomeo Merelli haalde hem over om de libretto van Temistocle Solera te benutten. Dat deed Verdi in de zomer en herfst van 1841. De première in Teatro alla Scala in Milaan op 9 maart 1842 werd een groot succes. Ook al was niet iedereen positief (componist Otto Nicolai sloeg de libretto in eerste instantie af en had de nodige kritiek) groeide Nabucco uit tot de ultieme blauwdruk voor de Italiaanse opera van het midden van de 19e eeuw. Het verhaal speelt zich af in Jeruzalem en Babylon, waar de Israëlieten gevangen worden genomen, Nabucco tot waanzin wordt gedreven en zich vervolgens tot het judaïsme bekeert. Dat is allemaal letterlijk uit de Bijbel afkomstig, maar met ruimte voor meerdere hoofdrollen. De meest opvallende is die van Abigaille, tijdens de première gezongen door Giuseppina Strepponi, die later Verdi's tweede vrouw zou worden. De ouverture was populair in de concertzaal, terwijl 'Va, pensiero' ('Slavenkoor') een populaire keuze werd bij Italiaanse uitvaarten en patriottische gelegenheden, en zelfs naar voren werd geschoven als alternatief volkslied.

Gerelateerde muziekstukken