
- KEUZE VAN DE REDACTIE
- 1963 · 5 tracks · 55 min.
Symphonie fantastique
H 48, Op. 14
Hector Berlioz zag in 1827 in Parijs een uitvoering van Shakespeares Hamlet en werd hopeloos verliefd op Harriet Smithson, de Ierse acteur die Ophelia speelde. Smithson wees Berlioz af en veroorzaakte daarmee een heftige emotionele reactie, die resulteerde in Symphonie fantastique, een van zijn meest briljante en fantasierijke stukken. Deze ‘episode uit het leven van een artiest’, die in vijf bewegingen van 50 minuten werd gegoten, volgt het pad van de verliefdheid van Berlioz, ofwel zijn verhouding met Smithson. In de opening ‘Rêveries – Passions’ (Dagdromen – Hartstochten), wordt de onbereikbare geliefde verklankt door een idée fixe, een muzikaal motief dat later in verschillende vormen terugkeert. ‘Un bal’ (Een bal) geeft een elegante bijeenkomst weer waar de geliefden aanwezig zijn, terwijl ‘Scène aux champs’ (Scène op de velden) de sereniteit van het platteland mengt met donkerdere ondergronden van melancholie. De liefdesdroom verandert dan in een verzengende nachtmerrie. Afgewezen door zijn geliefde neemt hij opium en beeldt zich in ‘Marche au supplice’ (Gang naar het schavot) in dat hij het onderwerp van zijn passie heeft vermoord en naar de guillotine is gestuurd. De afsluitende ‘Songe d'une nuit du sabbat’ (Droom van een heksensabbat) gooit de dode artiest in een afschuwelijke mengelmoes van ‘schaduwen, tovenaars en monsters’, die bijeenkomen voor zijn begrafenis. Deze groteske horrorshow wordt spectaculair geportretteerd door de orkestratie van Berlioz, waarbij een soort muzikale apotheose wordt bereikt voor de gemartelde artiest wiens hoop op liefde voor altijd is vernietigd.