Vrijwel direct na het overlijden van Johann Sebastian Bach, in 1750, begon een nieuw muzikaal tijdperk. De geliefde compositievormen van de barok (toccata’s, preludes, fuga’s en concerti grossi) werden vervangen door vrijere, expressievere symfonieën en sonates. De overgang naar de periode van het classicisme werd mede ingezet door Bachs zoon, Carl Philip Emmanuel. Zijn symfonieën bevatten talloze vernieuwingen, zoals extreme dynamiek, excentrieke fraseringen, onstuimige energie en rauwe emotionaliteit. Die muziek kwam bekend te staan als de empfindsame stijl, afgeleid van het Duitse woord Empfindsamkeit (sentimentaliteit, overgevoeligheid).
Vanaf het eerste nummer komt deze vurige en vrijmoedige geest naar voren. De muziek voert aldoor naar onverwachte plaatsen − het ene moment prikkelend en stuwend, dan weer van serene schoonheid. Doordat de stukken op het album in chronologische volgorde staan, wordt de stilistische ontwikkeling van Carl Philip Emmanuel blootgelegd. Waar Symfonie in D majeur nog raakvlakken had met Händel, sluit Symfonie in b mineur meer aan op Haydn en Sturm und Drang.