Strijkkwartet nr. 12 in F-majeur

B 179, Op. 96 · “De Amerikaanse”

Dvořáks Strijkkwartet nr. 12, gecomponeerd in 1893 toen hij dirigent was bij het National Conservatory of Music of America in New York, behoort tot het vaste repertoire van de kamermuziek. Dvořák schreef het tijdens een zomervakantie in Spillville (Iowa), dat een grote Tsjechische immigrantengemeenschap heeft. Hij had eerder dat jaar Symfonie nr. 9 (‘Uit de nieuwe wereld’) afgerond. Het verblijf in de Verenigde Staten beviel hem, mede door zijn fascinatie voor Amerikaanse muziek, met name voor Afro-Amerikaanse spirituals. Sommigen menen dat die interesse doorklinkt in dit stuk, vandaar de bijnaam ‘Het Amerikaanse’. Die invloeden zijn op zijn hoogst zeer subtiel en schuilen met name in de algemene eenvoud van de structuur en het gebruik van pentatoniek. Die toonreeks bestaande uit vijf tonen wordt vaak toegepast in zowel Amerikaanse folkloristische muziek als in de traditionele melodieën van zijn thuisland, dat hij zo miste: Bohemen (nu Tsjechië). De meest Amerikaans klinkende passages bevinden zich in het deel ‘Lento’, dat net als voornoemde spirituals een bezielde combinatie heeft van droefheid en monterheid. Strijkkwartet nr. 12 leidde ertoe dat diverse Amerikaanse componisten hun muzikale erfgoed omhelsden. In die zin zijn Copland en anderen schatplichtig aan Dvořák.

Gerelateerde muziekstukken