De drie sonates voor viool en piano opus 12 van Beethoven zitten boordevol humor. Maar onder dit sprankelende oppervlak huist in deze pareltjes uit Beethovens beginperiode een masterclass in muzikaal vakmanschap, waarbij de componist beide spelers op gelijke voet stelt. In het openingsdeel van Sonate nr. 2 wisselen piano en viool ideeën uit in een prachtige, eindeloos vindingrijke dialoog, terwijl in het adagio van Sonate nr. 3, in een moment van bevlogen genialiteit, de piano het middelpunt is. De verheven Sonate nr. 5 in F majeur, opus 24 − een van de beste kamerwerken van de componist en ook wel bekend als de ’Frühling’ Sonate toont Beethoven op zijn gepassioneerde best, met een openingsdeel dat een welhaast symfonisch bereik heeft. Violist Andrew Wan en pianist Charles Richard-Hamelin zijn perfecte muzikale partners en passen hun virtuositeit gedoseerd toe om zo deze buitengewone muziek te laten dansen.