

Anton Bruckner moest erg lang wachten voordat hij zijn eerste grote successen boekte. Symfonie nr. 7 van de Oostenrijker, voor het eerst uitgevoerd in Leipzig in 1884 vlak na zijn zestigste verjaardag, was direct een succes. Vladimir Jurowski's visionaire interpretatie van het werk met het Rundfunk-Sinfonieorchester Berlin werd live opgenomen in de Berliner Philharmonie. De uitvoering is het overtuigende resultaat van Jurowski's rijke kennis van en ervaring met Bruckners muziek. Hij wordt ondersteund door subliem spel, met een intense focus, lyrische warmte en indrukwekkende schoonheid. Hoewel de partituur een intensief revisieproces bespaard bleef – Bruckner bewerkte zijn composities achteraf meestal flink – bevat de eerste editie wijzigingen die na de première van de symfonie zijn gemaakt. Jurowski koos de editie met de zinderende climax van het langzame deel van het werk. Werken met edities van Bruckner is een mijnenveld voor dirigenten, vertelt hij aan Apple Music. “Vooral bij deze symfonie is het een mijnenveld om je eigen signatuur toe te voegen en er niet te veel interpretatie aan te geven, om zo de muziek voor zichzelf te laten spreken. Wat helpt in mijn relatie met Bruckner is het feit dat ik mijn eigen pad bewandel door zijn symfonieën chronologisch uit te voeren, versie voor versie, in de volgorde waarin ze zijn geschreven.” Vergeleken met Bruckners vorige symfonieën is Symfonie nr. 7 minder experimenteel en minder radicaal qua stijl, aldus Jurowski. Althans tot de finale van het werk, waar organist Bruckner de schijnwerpers pakt. “Opeens horen we de solo-organist in hem. Hij wordt een meesterlijk improvisator, maar in plaats van een orgel heeft hij een volledig symfonieorkest tot zijn beschikking. Wat mij opviel is dat van alle prachtige interpretaties van deze symfonie die zijn vastgelegd, er maar weinig zijn die zijn tempo-indicaties in de finale serieus nemen. Ze zijn het tegenovergestelde van decoratie; ze geven vorm. De finale is het minst voorspelbare en meest inventieve, interessante deel. Zonder dat deel is het onmogelijk om Bruckners symfonische denken te begrijpen.” Bruckner begon aan zijn zevende symfonie na een bezoek aan Bayreuth, waar hij de première bijwoonde van Wagners opera Parsifal. Zijn bewondering voor de man die hij 'De meester' noemde is te horen in het langzame deel van Symfonie nr. 7, dat begint met een kwartet van wagnertuba's (eigenlijk geen tuba, maar meer een hoorn). Bovendien werd het werk opgedragen aan Wagner toen Bruckner het nieuws over Wagners dood vernam. Vladimir Jurowski vindt echter dat de associatie met Wagner niet moet worden overdreven. “Hij gebruikt bepaalde Wagneriaanse klanken, maar daar blijft het wel bij. En hij gebruikt ze ook extreem weinig. Als je kijkt naar hoe hij de wagnertuba's gebruikt, klinkt het altijd als een stem uit een andere dimensie, de stem van de eeuwigheid. Ik stond erop dat we in onze uitvoering de tuba's gescheiden hielden van de sectie hoorns. Dat maakt hun verschijning bijzonder, vooral in de finale, waar ze amper worden gebruikt.” Vele uren werden gespendeerd om alle details van de balans, combinaties en intonatie te perfectioneren. Zo maakte Jurowski gebruik van levendige beelden om te omschrijven hoe hij bepaalde passages wilde laten klinken. “Ik probeerde met mijn violen de opening van het slot op een bepaalde manier in te zetten”, vertelt hij. “En ik merkte dat het spel te sterk voorwaarts marcheerde. “Vergeet die mars”, zei ik toen. “Het is geen mars.” Ik zocht naar een metafoor en zei: “Het is als engelen die hun vleugels uitslaan. Stel je dat gewicht van die vleugels voor. Het zou als het gewicht van een vlinder zijn en meer niet. Misschien is er een aartsengel onder hen, maar zeker geen aartsbisschop!” Ze lachten en vanaf dat moment ging het de goede kant op.”
30 augustus 2024 4 tracks, 1 uur 5 minuten ℗ 2024 Rundfunk-Sinfonieorchester Berlin
PLATENLABEL
PlatoonProductie
- Florian B. SchmidtProducent
- Johann GüntherOpname-ingenieur
- Robert HaasEditing engineer
- Florian B. SchmidtMixing engineer, Mastering engineer