De interesse van pianist Isata Kanneh-Mason in de muziek van Prokofjev stamt al uit haar kindertijd. Zijn vroege 'Harp'-prelude – een van de tien pianocomposities opus 12 die Prokofjev componeerde toen hij nog studeerde aan het conservatorium van Sint-Petersburg – werd, zo legt Kanneh-Mason uit aan Apple Music Classical, "een van mijn eerste echte werken... Er is zelfs een opname waarop ik hem speel toen ik ongeveer elf was. Ik herinner me dat ik dit stuk heel eigenwijs en charmant vond, en dat Prokofjev er een uniek soort humor in legt. Daarmee viel hij me al op zeer jonge leeftijd op als een componist die anders was dan anderen."
Het charmante stuk maakt deel uit van haar release die helemaal gewijd is aan Prokofjev. Maar wat Kanneh-Mason vooral dreef om dit album te maken was dat ze verliefd werd op het Pianoconcert nr. 3. Dit beroemdste concert van Prokofjev ging in 1921 in Chicago in première, uitgevoerd door de componist zelf, die zich destijds buiten het Rusland na de revolutie als componist-pianist op de kaart probeerde te zetten.
Kanneh-Masons vertolking met het Philharmonia Orchestra, gedirigeerd door Ryan Bancroft, laat een fris, levendig werk horen waarin momenten van warme schoonheid door vleugjes zorgeloze branie van contrast worden voorzien. De terugkeer van het openingsthema door de strijkers klinkt als een diepe zucht van verlichting, en luister hoe glashelder Kanneh-Mason in het tweede deel – met zijn ironisch statige thema en buitengewone reeks variaties – de vrolijke vijfde variatie articuleert.
Voor Kanneh-Mason bestaat een deel van de aantrekkingskracht van het derde pianoconcert uit het enerzijds directe en tegelijkertijd enorm gevarieerde karakter ervan. "Het is heel duidelijk welke melodielijnen en stukjes lyrisch zijn, en welke ritmisch; welke charmant, en welke dansend. Dat maakt hij naar mijn idee heel duidelijk in de partituur. Dus ik zou zeggen dat de uitdaging er niet in zit om te weten wát je moet projecteren, maar meer hoe je die eigenschappen zo duidelijk mogelijk tot uiting brengt."
Kanneh-Mason voegt ook stukken toe uit de twee pianosuites van Prokofjev die bewerkingen zijn uit de balletten Romeo en Julia en Assepoester. In deze stukken, zoals 'Julia als jong meisje', legt Kanneh-Mason de nadruk niet op de virtuositeit – die ze moeiteloos maar glorieus in het concert aan de dag legt – maar op die karakterisering. "Ik vind Prokofjev een geweldige balletcomponist", zegt ze. "Hij begrijpt de charmante en grappige elementen van dans, en gebruikt dat op een hele unieke manier, anders dan andere componisten. Hij uit zich ook heel goed in ritmes die repetitief maar altijd levendig zijn, nooit monotoon."
Dit wordt uitstekend geïllustreerd door het eerste en laatste werk van haar selectie. Allereerst de Toccata waarvan het motorisch geklop al snel plaats maakt voor pianovuurwerk, en ten slotte, als verrassend effectieve aanvulling, de Pianosonate nr. 3 die Prokofjev in 1917 voltooide, maar grotendeels baseerde op een werk dat hij al tien jaar eerder had gecomponeerd toen hij pas 16 jaar oud was. Zelfs uit het vroege werk spreekt wat een vurige virtuoos de jonge componist was: "Prokofjev gebruikt vaak ritmes die net uit de maat vallen", legt Kanneh-Mason uit. "Dus de rechterhand of de linkerhand zal vaak net één-achtste noot later beginnen dan de ander. Daarom is de grootste uitdaging om die twee noten net een achtste op elkaar te laten volgen, zonder dat het klinkt alsof één hand te laat is, of de andere gewoon niet goed getimed!"
"Je wilt ook dat alles naadloos vloeit zodat het niet als een onsamenhangend stuk overkomt. In de lyrische passages zit veel chromatiek en klinken er innerlijke stemmen – die wil je overbrengen, maar niet op een manier die afleidt van de bovenliggende melodieën."
Het werk dat amper acht minuten duurt, maar net zo evenementrijk als elke sonate in een meerdere delen, illustreert dan ook perfect wat Kanneh-Mason zo aantrekt in deze kleurrijke Russische componist: "Het feit dat hij al deze verschillende modi van componeren samenpakt: van ritmisch tot lyrisch, van grotesk tot charmant en balletachtig, dat hij dat allemaal in één stuk weet te stoppen, dat vind ik onweerstaanbaar. Je ervaart echt wat de piano allemaal kan, in slechts één muziekstuk."