Het Britten Sinfonia en Thomas Adès storten zich op Beethovens eerste drie symfonieën met lichtvoetig, fris en verkwikkend spel. Symfonie nr. 3, oftewel het machtige Eroica, wordt opgetild door een golf van jeugdig elan: de treurmars wordt tamelijk vlot, maar ook met ongeveinsde zwaarwichtigheid uitgevoerd. Naast deze symfonieën treffen we Beethoven, Gerald Barry’s heerlijk komische en oneerbiedige portret van de verliefde componist. Het werk is gebaseerd op een liefdesbrief van Beethoven aan een onbekende vrouw en zit vol kreten in falsetstem, droogkomisch gezang en humor. En dat terwijl Beethoven in die brief juist volkomen oprecht lijkt te zijn, waardoor de compositie hem neerzet als een man die worstelt met zijn emoties. Barry’s pianoconcert rondt het album af met een geestige en theatrale twist.