Niccolò Paganini

Biografie

Niccolò Paganini was een man van het theater, een geboren performer die zijn shows kracht bijzette door zijn bleke, tengere verschijning te hullen in zwarte kleding, waarmee hij de indruk wekte een tot leven gewekt kadaver te zijn. Om de mystiek rond zijn persoon verder te vergroten moesten orkestleden handgeschreven stukken na het optreden teruggeven aan de meester, zodat niemand de geheimen van zijn genie kon doorgronden. Achter dit tot de verbeelding sprekende vertoon was Paganini, geboren in Genua in 1782, een bloedserieuze muzikant. In 24 Capriccio's voor viool (1817) gaat hij virtuoos te werk met verschillende technieken, uiteenlopend van hardhandig, bijna bonkend strijken tot extreem acrobatische linkerhandbewegingen. Ook invloedrijk waren zijn vioolconcerten die klinken als Rossini in turbomodus. De tweede daarvan – La campanella (1826) – bevat harmonieën in het slot die twinkelen als een bel. Maar Paganini's meest aansprekende erfenis is toch wel zijn omkering van interpretatieve normen. Hij inspireerde muzikanten tot het uitvoeren van de meest ingewikkelde passages alsof het niets was, terwijl langzame stukken juist nog meer werden opgerekt. Na zijn dood in 1840 zou muziek nooit meer hetzelfde zijn.